Namen

Romeinse namen:
Mannen: Claudius, Polonius, Horatio, Antonius, Marcellus. (eindigend op us of o)
Vrouwen: Timandra, Phrynia (eindigend op a)

Engelse namen:
Mannen: Richard, Henry, Edward, Edmund, Clarence, Lawrence, Robert, Walter, Thomas.
Achternamen: van het Huis waar ze van afstammen, en dat is dan vaak weer een plaatsnaam. Bijvoorbeeld York (Edward of York) of Lancaster (Robert of Lancaster). (York en Lancaster waren de 2 rivaliserende huizen ten tijde van de Rozenoorlogen)

De histories die aan het Britse hof spelen gebruiken deze namen. Voorbeelden van stukken: Richard III, Henry IV.

Vrouwen: vaak Lady en dan achternaam van de man. Lady of York. Alleen als ze een hoofdpersonage zijn hebben vrouwen een voornaam. Of als ze een kamermeisje zijn of ander simpel volk, dan hebben ze juist geen achternaam, maar heten ze ook vaak gewoon ‘voedster’.

In de Britse koningstragedies komen ook veel graven, markiezen, heren en hertogen voor. Voorbeeld: de hertog van Gloucester [spreek uit: Gloster], de graaf van Leicester [Lester]. Andere locaties waar iemand vandaan kan komen zijn bijvoorbeeld Norwich [Norrich], Greenwich [Greenich], Warwick [Warrick], Kent, Canterbury en Cornwall.
Er zijn natuurlijk ook religieuze figuren (bisschoppen, kardinaals, priesters) en legermannen (generaals, officieren, etc.)

Schotse namen:
Mannen: Macbeth, Macduff, Malcolm, Duncan
Vrouwen: Lady Macbeth

Italiaanse namen:
Mannen: Barnardo, Francisco, Reynaldo, Mercutio, Roderigo, Brabantio, Montano, Romeo (eindigend op o).
Vrouwen: Emilia, Ophelia, Desdemona, Julia (eindigend op a)
Achternamen: om Romeo en Julia voorbeeld maar weer eens aan te halen: Capuletti en Montecchi (in het Engels overigens verbasterd naar Montague).

Ik denk dat we ervoor moeten waken om te bekende bestaande namen te nemen. Het publiek zal dan teveel vast zitten in het bestaande verhaal om nog mee te kunnen gaan in ons verhaal. Dus liever geen Romeo’s, Julia’s, Hamlets, Othello’s en Macbeths.