(Noord-Europese volks-) Sprookjes
Met dank aan Lieselotte Nooyen.
Doorvertelde verhalen, opgetekend tussen 1600 en 1900 door voornamelijk Anderssen en Grimm.
Top 3 in Nederland (hier denkt ons publiek aan)
Rollen
Koning(in), prins(es) zowel goed als kwaad/ijdel/dom
Magische hulpjes: feeën, kabouters die voorspellingen doen
Slechteriken: stiefmoeders/zussen, heksen, tovenaars, draken
Pratende dieren: wolf (altijd slecht), geit, kikker, biggetje, zijn ook vaak boodschappers
Normale mensen en slimme kinderen, die abnormale dingen overkomen
Namen
De personages hebben bijna nooit een normale naam maar een naam die hun uiterlijk (sneeuwwit, goudlokje), werk (aspoetster) of karakter (vlijtig liesje) beschrijft. Ook zit er vaak iets van een plant in hun naam dat een symbolische betekenis heeft. Normale mensen hebben vaak wel een normale naam zoals Hans en Grietje of met een beschrijving erbij zoals domme of slimme Hans.
Thema’s
Het is een epos, dus heeft een Verteller.
We gebruiken daarbij de Storyspine:
- Er was eens iemand die… in een land hier ver vandaan… (hier krijgt hoofdpersoon al naam)
- Zoals elke dag….(beschrijving van de omgeving en de hoofdpersoon en eventueel diens wens)
- Maar op een dag…. (dan komt er een boodschapper die verandering voorspelt of komt verandering zelf)
- Tocht van de held, ontmoet goed en kwaad op zijn weg, stapeling van gebeurtenissen (en daardoor, en daardoor, en alsof dat nog niet erg genoeg was)
- Totdat… (kering van de gebeurtenissen, de held en de zijnen leren wat)
- (En daardoor…)
- En vanaf die dag……….(eindjes aan elkaar, moraal)
- En ze leefden nog lang en gelukkig
TRIPLE PLAY
In Triple Play moeten we deze Storyspine in 3 delen hakken.
Deel 1: Er was eens t/m Maar op een Dag
Deel 2: Tocht van de held (en daardoor, en daardoor, en alsof dat nog niet erg genoeg was)
Deel 3: Totdat t/m En ze leefden nog lang en gelukkig
We hebben in de les de variant gedaan waarbij je jezelf, in karakter, voorstelt met een allitererende voornaam (Fiona de Fee, Koning Kaspar) en waarbij elke speler er om beurten uit kan stappen om -als zichzelf- een stukje de Vertellersrol te nemen. (dit is dus een andere Verteller dan de Verteller van Triple Play, we moeten even kijken of dat niet verwarrend werkt. Misschien moet de Verteller van Triple Play ook de Verteller van het Sprookje worden?)
We hebben gemerkt dat het lastig is om vooraf veel personages aan te wijzen omdat die er dan allemaal in voor moeten komen terwijl het verhaal dat helemaal niet nodig heeft. Ik stel dus voor om maar een beperkt aantal personages (2 of 3) vooraf vast te leggen.